Atheneum

VWO

VWO staat voor Voorbereidend Wetenschappelijk Onderwijs en geeft na een opleiding van zes jaar toegang tot de universiteit. 


In de onderbouw bereiden we de leerlingen vanaf de derde klas voor op de eisen die de Tweede Fase bovenbouw stelt aan leer- en studievaardigheden. Dit zijn vaardigheden als zelfstandig werken en het inzicht houden in het eigen leerproces. Deze vaardigheden bouwen voort op het VeursModel, dat in de onderbouw als pedagogisch-didactisch model wordt gebruikt. Dit model richt zich met name op de zelfstandigheid van de leerling. 


Aan het eind van 3 vwo kiezen leerlingen één van de vier profielen: Cultuur & Maatschappij (C&M), Economie & Maatschappij (E&M), Natuur & Gezondheid (N&G), Natuur & Techniek (N&T). Uiteraard begeleiden decaan en mentor de leerlingen bij het maken van deze belangrijke keuze. Dit keuzetraject vindt plaats in de derde klas vwo. We gebruiken de methode qompas voor het begeleiden van de keuze.


Bovenbouw vwo: de Tweede Fase

De Tweede Fase heeft als doel het onderwijs beter te laten aansluiten op de veranderende wereld om ons heen. In het voortgezet onderwijs en zo ook in de Tweede Fase staan drie uitgangspunten centraal: een brede ontwikkeling stimuleren bij de leerlingen, een actieve en zelfstandige rol van de leerlingen bevorderen en recht doen aan verschillen tussen de leerlingen.

Brede ontwikkeling: een brede ontwikkeling voor alle leerlingen komt in de Tweede Fase naar voren, doordat ongeveer de 30% van de studielasturen wordt ingevuld door verschillende vakken in het gemeenschappelijk deel. Het zelf gekozen profieldeel maakt ongeveer 50% van je studielasturen uit en het vrije deel ongeveer 20%. In het vierde leerjaar krijgen leerlingen al de meeste vakken aangeboden. Zo maken ze kennis met een breed aanbod van vakken. De keuzes hiervoor worden in de derde klas gemaakt.

Actieve en zelfstandige rol: bij het zelfstandig leren komt de verantwoordelijkheid voor het leerproces in toenemende mate bij de leerling te liggen. Zij leren geleidelijk aan zelfstandig te werken en ook andere vaardigheden te ontwikkelen. Het onderwijs is zo ingericht, dat leerlingen zich maximaal kunnen ontplooien. Dit betekent dat je met een diploma van het Veurs Lyceum goed bent voorbereid op een vervolgstudie aan een universiteit of op het HBO.

Iedere leerling is anders: naast de vaklessen zijn er vakbegeleidingsuren. Hiermee wordt recht gedaan aan de verschillen in tempo en niveau tussen de verschillende leerlingen. Je kunt binnen de vakbegeleidingsuren kiezen waar en waaraan je gaat werken. Het biedt optimale mogelijkheden tot individuele begeleiding. Daarnaast zijn deze vakbegeleidingsuren een geschikte mogelijkheid om te werken aan en te worden begeleid bij (groeps-)opdrachten, practica, werkstukken, vaardigheidstraining, computergebruik, profielwerkstuk enz. Als je studie daar aanleiding toe geeft, kunnen vakdocenten en/of mentor je verplichten om bepaalde vakbegeleidingsuren te bezoeken.


Uitwisseling in 4V

In 4 vwo nemen de leerlingen deel aan een uitwisselingsprogramma. De reis wordt voorbereid en een gedeelte van het lesprogramma richt zich op de invulling van de uitwisseling. De voertaal tijdens de uitwisseling is Engels, opdrachten voor het vak ckv vormen onderdeel van de voorbereiding. 


Aansluiting vwo-wo

De school onderhoudt nauwe banden met o.a. de universiteiten van Delft en Leiden. Leerlingen kunnen daar proefstuderen. Daarnaast biedt de universiteit van Leiden onderwijsprogramma’s aan voor getalenteerde én gemotiveerde leerlingen. Het gaat om LAPP-TOP (Leiden Advanced Pre-university Programme for TOP students). Ook de Technische Universiteit Delft biedt dergelijke programma’s. De meeste vwo-leerlingen gaan na het halen van hun diploma naar de universiteit voor hun vervolgopleiding. 


Op het Veurs Lyceum is het mogelijk om binnen het vwo een volwaardig gymnasiumdiploma te behalen als de leerling in de onderbouw de klassieke talen Grieks en Latijn heeft gevolgd en minimaal in één van beide talen examen doet. 




ontwerp en realisatie SchoolMaster BV